Foto: VI Images

De EK-medaille heeft Rutger Smith zichtbaar goed gedaan. ‘Dat was een mooie opsteker, die medaille was belangrijk voor mij.’ De atleet stond vandaag ontspannen en vol vertrouwen de pers te woord op Papendal. Smith lijkt helemaal klaar voor de Spelen.

Het zijn voor Smith alweer zijn derde Spelen. Met name op de Spelen van Beijing lagen medaillekansen voor hem. ‘Ik pakte een jaar eerder brons op discus bij het WK in Osaka. Achteraf is het wel balen dat ik in Beijing geen medaille mee naar huis nam. Zeker op kogel lagen er kansen.’

En ook dit jaar ziet hij weer kansen. Bij het EK pakte hij een discusmedaille tijdens een sterk bezet toernooi. Maar hij geeft aan dat er ook nu weer kansen liggen op kogel. ‘Met kogel heb ik nog niet alles kunnen laten zien bij het EK. De combi discus en kogel was zwaar omdat het programma dicht op elkaar zat. Ik had gehoopt 21 meter plus te stoten. Die stoot bewaar ik dan maar voor Londen.’

Bij zo’n toernooi komt het aan op details die het verschil kunnen maken. We spraken vandaag met hem over een aantal van dat soort details. Een aantal jaren geleden gaf Smith al aan dat hij is gaan werken met een sportpsycholoog. Die samenwerking heeft hij nog steeds maar de inzet is inmiddels veranderd. ‘Toen ging het erom de zenuwen onder bedwang te houden. Dat lukt inmiddels wel. Nu gaat het vooral erom de juiste gemoedstoestand te bereiken. We hebben gezocht naar manieren waarop ik me nog een beetje extra kan opnaaien. Je moet de adrenaline door je lichaam voelen, daarna moet je rustig worden en dan moet je werpen. Negentig procent van de keren dat ik met zo’n gevoel de ring instap weet ik van tevoren wat het voor worp gaat worden en meestal is dat ver,’ zo legt Smith uit.

Ook qua materiaal is Smith een perfectionist. Naar alle waarschijnlijkheid mag hij zijn eigen materiaal niet mee de ring innemen. Maar daar heeft Smith al een oplossing voor bedacht. ‘Ik ga nog even langs de Praxis voor wat schuurpapier. Die nieuwe kogels hebben vaak nog een verflaag die glad is. Dan schuur ik die kogel nog even op in mijn handdoek, dan wordt ie veel stroever.’