Rob Barel over de opmars van de triatlon

De triatlon kent al een lange geschiedenis. De eerste wedstrijden werden bijna 100 jaar geleden georganiseerd. Het duurde echter tot 2000 voordat de triatlon olympisch werd. Toch zie je pas een paar jaar dat de sport populair wordt bij een breder publiek.


Foto: Bas Beentjes

De triatlon is de afgelopen paar jaar aan een opmerkelijke opmars bezig. Deze complexe duursport was decennialang vooral voorbehouden aan een kleine groep liefhebbers. Maar steeds meer duursporters wagen zich aan deze uitputtingsslag. Met name de komst van de kortere afstanden heeft de sport toegankelijker gemaakt. Met name de standaardafstand, die voorheen werd aangeduid als de olympische afstand, maakt de sport aantrekkelijker voor een grotere groep. Het is nog steeds 1,5 kilometer zwemmen, 40 kilometer fietsen en 10 kilometer hardlopen.

Ondertussen wordt ook de hele triatlon populairder. Steeds meer mensen zijn op zoek naar een extreme sportuitdaging. De hele triatlon stelt in dat opzicht zeker niet teleur met 3,8 km zwemmen, 180 km fietsen en 42 kilometer lopen. De afgelopen jaren zie je dan ook een sterke groei van evenementen in Nederland. Sinds twee jaar vormt Maastricht zelfs het toneel van een heuse Ironman, de prestigieuze race die ooit ontstond op Hawaï en geldt als bakermat van de moderne triatlonsport.

Om de populariteit van de sport beter te begrijpen gingen we in gesprek met Rob Barel. Rob Barel (60) gaat al heel wat jaren mee in de sport. Hij was een van de pioniers in de sport en kon zich meten met de absolute wereldtop. In 1994 pakte hij zelfs de wereldtitel. Daarnaast werd hij meerdere malen Europees kampioen. Tot op de dag van vandaag is hij nog steeds bij de sport betrokken.

Hoe kwam je in aanraking met triatlon?
‘Op mijn zwemclub ‘De Jonge Kampioen’ in Amsterdam deden we naast zwemmen ook één keer per week aan hardlopen en hadden we een groepje dat regelmatig tochten op de racefiets maakte. Daar hoorden we al snel van de vierkamp in Den Haag, die in 1981 overging in een hele triatlon. Dat leek ons wel een mooie combinatie, maar de afstanden vonden we allemaal gekkenwerk. Totdat we hoorden van een minitriatlon over 1 km zwemmen, 30 km fietsen en 14 km lopen die in september 1982 gehouden zou worden bij de Bosbaan in Amsterdam. Tot mijn eigen verrassing won ik en dus deed ik voor de grap het volgende jaar weer mee. Ook die keer won ik en nu met maar liefst 14 minuten voorsprong. Een half jaar later kreeg ik een contract van Michel Lukkien bij Nike en ineens was ik prof-atleet geworden.’

Wat sprak jou vanaf het begin aan in triatlon?
‘De drie basissporten spraken me altijd al aan. Lopen en zwemmen vooral omdat er zo weinig materiaal voor nodig is en dus voor iedereen toegankelijk is. Wielrennen vooral vanwege de kick om op eigen kracht enorme afstanden af te kunnen leggen. Ik was al gaan zwemmen omdat het zo’n allround sport was. De combinatie met fietsen en lopen was dat natuurlijk nog veel meer.’

Hoe zou jij de triatlonsport willen omschrijven in die eerste jaren? Was het pionieren?
‘Het was zeker enorm pionieren, met letterlijk en figuurlijk vallen en opstaan. Tijdens die allereerste triatlon bij de Bosbaan moesten alle deelnemers uit voorzorg nog 5 minuten pauze nemen tussen elk onderdeel, omdat de organisatie bang was voor ongelukken. Zelf had ik 3 stapeltjes kleren klaar liggen voor verschillende weersomstandigheden. Maar ook later was het nog heel veel experimenteren. Op advies van ervaren deskundigen trainde ik in mijn eerste profjaar tot wel 45 uur per week. Ik heb het overleefd, maar zat wel op het randje van overtraindheid. Ook sportvoeding bestond nauwelijks. We experimenteerden met gedroogde vijgen en dadels, bidons met havermout en aardappelen in aluminiumfolie omdat er niets anders te krijgen was. Het grote voordeel van die onbekendheid was dat alle triatleten op zoek waren naar de juiste kennis en middelen. Daardoor ontstond er in die tijd ook een hechte samenwerking. We waren concurrenten, maar wisselden ook informatie uit en hielpen elkaar om beter te worden.’

Hoe heb je de sport zien evolueren? Op topsportniveau, maar ook op recreatief niveau?
‘In de eerste jaren groeide de sport heel snel. Zowel professioneel als in de breedte. De materialen ontwikkelden heel snel, de trainingsmethodes, de verzorging en de media-aandacht. Aerodynamische fietshelmen, lycra triatlonpakjes met sneldrogende zemen, ligsturen, verschillende wielmaten, fietsgeometrie, wetsuits, elastische veters, drinksystemen op de fiets en bij het lopen, hartslagmeters, vermogensmeters. Maar ook de dagelijkse dingen. In de jaren tachtig en negentig waren we constant op zoek naar informatie over nieuwe ontwikkelingen en nieuwe wedstrijden. En alles zonder internet. We waren al heel blij toen de fax opkwam. Om een reis te boeken zat je een halve dag op een reisbureau en was je een fortuin kwijt aan vliegtickets.’

‘Vanaf medio jaren negentig kwam er een einde aan die enorme groei. Het spectaculaire was er wel vanaf. De sport was inmiddels olympisch geworden en iedereen dacht dat het daardoor ineens allemaal vanzelf ging. Maar het tegenovergestelde gebeurde. Ineens was het geen hippe nieuwe rage meer, maar gewoon een kleine sport die eens in de 4 jaar mee mocht doen op het Olympisch podium. Dat heeft zeker 10 jaar geduurd. Dat de triatlon dat overleefd heeft, komt vooral door de paar gekken die evenementen bleven organiseren omdat ze het leuk vonden en de triatleten die bleven meedoen voor de sport en niet voor de erkenning. Maar de laatste 15 jaar groeit de sport weer gestaag. Wedstrijden zijn regelmatig volgeboekt en er komen weer nieuwe wedstrijden bij.’

De sport lijkt de laatste jaren flink in populariteit te groeien? Wat is volgens jou de reden?
De groei komt voor een groot deel doordat er minder accent ligt op het extreem lange werk, waardoor de sport veel toegankelijker is. Maar ook de lange afstanden zijn steeds meer een logische vervolgstap na het lopen van een marathon of een extreme fietsprestatie.

Denk jij dat de sport komende jaren nog verder zal groeien in populariteit?
‘De verdere groei is moeilijk te voorspellen. Het kan een tijdelijke bevlieging zijn of er kan een andere sport weer deelnemers wegtrekken. Maar triatlon is toch ook een sport die je niet zomaar oppakt. Het vraagt veel investering in tijd en materiaal. Dat zijn bewuste keuzes voor de langere termijn. Daarnaast slaat de sport juist aan bij oudere volwassenen met een stabiele sociale omgeving. En last but not least is de sfeer rond de wedstrijden en bij clubs een belangrijke factor waardoor mensen blijven hangen in deze sport. De sport is weliswaar super individualistisch, maar je brengt toch veel tijd door met andere deelnemers in de wisselzones, voor de start en aan de finish.’

Tip: Losse Veter magazine
Abdi Nageeye liep afgelopen oktober een nieuw Nederlands record. De keuze om in Afrika met de absolute wereldtop te trainen, pakte goed uit voor de kleine marathonloper. Naast de gedegen voorbereiding had hij nóg een troef in handen. Nageeye maakte gebruik van de sportdrank van Maurten. De naam zal de meeste lopers misschien nog niet bekend in de oren klinken, maar wie het afgelopen jaar naar de grote stadsmarathons keek, zag de lopers regelmatig gebruik maken van deze revolutionaire drank.

De drank is revolutionair door het gebruik van een aantal speciale ingrediënten. Maurten bedacht het idee om hydrogel te gebruiken om de koolhydraten te transporteren. Door gebruik te maken van hydrogel kunnen de koolhydraten probleemloos de maag passeren om vervolgens in de dunne darm opgenomen te worden. Hierdoor ontstaan geen maagklachten en kan bovendien een grotere hoeveelheid koolhydraten opgenomen worden.

Samen met Maurten hebben wij een speciaal marathonpakket samengesteld dat gratis wordt aangeboden bij het afsluiten van een jaarabonnement. Het pakket (t.w.v. €32,95) bestaat uit 4 sachets Drink Mix 320, 4 sachets Drink Mix 160, een Maurten bidon en een uitgebreide brochure over sportvoeding.

Beantwoord

Het is toegestaan de volgende HTML tags en attributes te gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

  • Rob Barel, voor velen triatleten een levende legende, verhaalt in het bovenstaande stukje over de populariteit van de triatlonsport ook in Nederland.
    Triatlon bestaat sinds 1978, toen op Hawaii 15 sporters het bizarre huzarenstukje uithaalde om Non Stop, 3.8 km te gaan zwemmen, 180 km te fietsen, om er dan nog een marathon achteraan te plakken.
    Wat niemand toen kon bevroeden, was, dat deze enorme uithoudingsproef die de beschermde titel kreeg van “ Ironman” uit zou groeien tot een wereldwijde populaire sport,die zelfs, zei het in verkorte versie en het toestaan van stayeren in 2000 de olympische status verwierf.
    In 1983 en 1985 stond ik zelf ook aan de start in Kona en beleefde de magische sfeer die er altijd heerst bij deze Ironman van Hawaii. Maar de sfeer van weleer lijkt te verdwijnen! Ik maak mij steeds meer zorgen over de vercommercialisering in deze sport! Inschrijfgelden voor Ironmans van 450 tot 500 euro zijn geen uitzondering in deze toch al kostbare wedstrijd- en sportbeoefening. Voor mij staat voorop dat de sport en sporter centraal moeten staan, maar dat is,net als ook in vele marathonwedstrijden vaak niet meer het geval en dat is spijtig!