Column Marti ten Kate: Wanneer word je fulltime atleet?

Marti ten Kate heeft Facebook ontdekt als een medium om zijn mening te ventileren over de Nederlandse loopsport. De laatste weken verschijnen er met enige regelmaat duidelijke stellingnames van de oud-topatleet op dit sociale medium. Dit keer neemt hij de atletencultuur onder de loep. ‘Als je geen 29 minuten op de 10 kilometer loopt, blijf dan lekker werken.’

Marti ten Kate Tonnie Dirks Nijmegen persconfentie zevenheuvelenloop hardlopen
Foto: Losse Veter

Tegenwoordig lijkt het alsof je alleen als fulltime atleet op de 10 km onder de 32 minuten kunt lopen of op de 5 km onder de 15 minuten. Half lopend Nederland lijkt geen tijd meer te hebben om naast 10-12 trainingen per week nog te kunnen werken.

Als we dat nu eens gaan verbieden en weer terug brengen tot normale proporties. Al die semi-commerciële loopclubs verdwijnen weer, iedereen gaat weer lekker bij de eigen club trainen. Andere clubgenoten sluiten aan bij de toppers van die club. Als die toppers 1000 metertjes lopen, dan lopen de subtoppers van de club steeds 600 meter mee. Sommigen de eerste 600 meter, sommigen de laatste 600 meter. Die toppers doen met de competitie weer allemaal mee. Desnoods met een dubbel programma 800-1500 of zelfs 1500-5000 meter.

Af en toe (bijv. 1 keer per week) zoeken de toppers in een regio elkaar op en doen dan een pittige training waarbij je eens wat minder kopwerk hoeft te doen. Bij zo’n regio training ook wat aandacht voor rompstabiliteit en dat soort zaken, want dat mag op clubniveau echt wel wat minder, het gaat tenslotte niet om de kunstjes die de trainer zo mooi kan voordoen. En al die lopers werken er gewoon naast, velen zelfs fulltime. Hoeven dan geen ingewikkelde keuzes te maken, maar kunnen in de zomervakantie heerlijk een vakantie / trainingsstage boeken in mooie oorden, komen helemaal tot rust en draaien een perfect tweede deel van het seizoen met week-in week-uit wedstrijden om je PR’s aan te scherpen.

Met als resultaat in ieder geval weer een veel bredere subtop waaruit als vanzelf die toppers weer uit voort komen. Absolute toppers die de aansluiting lijken te vinden bij de wereldtop (Europees mag ook) kiezen voor een fulltime trainings- en wedstrijdprogramma en maken daarmee die allerlaatste stap in hun loopbaan.

Ligt er nog 1 vraag voor, namelijk waar ligt de grens om wel (eventueel/misschien) minder of zelfs niet te gaan werken. Kijkend naar onze Nederlandse all-time ranglijsten, dan concludeer ik snel het volgende:
Voor tijden van 3:40 op de 1500 meter hoef je echt geen full-time atleet te zijn, daar kun je goed bij werken. Zelfde geldt voor 14:00 op de 5000 meter, daar kun je easy full-time bij werken en elke verjaardag bezoeken, want ook voor die groep heeft een week 168 uur. Ga je richting 13:45 en heb je sub 13:30 potentie, dan is het overwegen van minder werken een optie.

Op de tien kilometer liggen die grenzen zo rond de 29 minuten (haal je dat nog niet, blijft lekker fulltime werken), ga je richting 28 minuten, dan ga je echt nadenken over wat je kunt bereiken en zoek je een baan waar je wat minder uren mag maken (maar waar je bij voorkeur later weer in een voltijds baan kunt instromen).

En dan is een tiental fulltime atleten op de midden en lange afstand toch echt wel genoeg op dit moment. Knap toch om een toekomstbeeld te schetsen waar we als lopend Nederland wat aan hebben. Niet eens gezeurd over hoe het vroeger was, hoewel het vroeger wel zo was als hierboven aan het eind geschetst.

Dat lopers in Nederland al met (veel te) langzame tijden als fulltime atleet door het leven gaan, heeft helaas ook te maken met het kunnen vragen (en krijgen) van flink startgeld bij al die honderden wegwedstrijden in Nederland, waar het startgeld voor een Nederlandse 29 minuten loper op de tien kilometer soms hoger ligt dan van een Afrikaanse sub 28 minuten lopers, misschien iets voor de Europese Commissie om daar naar te kijken.

Oerend Hard
Ter gelegenheid van Marti’s 50ste verjaardag verscheen het boek ´Oerend Hard´. In ‘Oerend Hard’ blikt Marti terug op zijn eigen loopcarriëre. Het 256 pagina´s tellende boek bevat bovendien tal van anekdotes, foto’s en statistieken uit Marti’s eigen plakboeken.

( ‘Oerend Hard’ kost 19,95 + 3,00 verzendkosten)

Add Comment Register



Beantwoord

Connect with:

Het is toegestaan de volgende HTML tags en attributes te gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

  • Als iemand het kan veroorloven om ft atleet te zijn zonder anderen daarmee te schaden, dikke prima. Iedereen kiest zijn eigen levensgeluk en niet iedereen heeft het aangeboren talent, het is dedain te zeggen dat zij dan maar moeten gaan werken. Ook als niet-wereldtopper kun je in vele gevallen een nuttigere inbreng leveren dan de gemiddelde ft ambtenaar.

  • De eerdere Rob

    Ik bedoel te zeggen, jaag je dromen na en schik je niet in iets wat anderen van je verwachten. Niet alles is te meten in prestaties en geld.

  • Bernardrabbendam

    De gemeeenteambtenaren in Leiderdorp hebben vandaag in weer en wind gedaan wat ik, vele anderen met mij, verwachtte: het huisvuil opgehaald.

  • Marti kijkt terug hoe hij de atletiek heeft ervaren, maar (mentali)tijden veranderen. Toch mag je je als lange afstand gelukkig prijzen dat je blijkbaar voldoende wedstrijdgeld kunt innen met een sub-toptijd. Zoals Rob terecht aangeeft, zolang je niemand ermee schaadt, dikke prima. Beter dan de gesubsidieerde ‘toppers’ van de baanatletiek.