Preventie van koudeletsel

De winter komt er aan. Ook voor lopers is het belangrijk om voldoende maatregelen te nemen ter voorkoming van koudeletsel. Bij koudeletsel denkt men vooral aan extreme blessures die voorkomen op de sneeuwpiste of bij expedities naar de Mount Everest. Toch komt koudeletsel ook in Nederland voor, met verschillende gevolgen voor de prestaties van de sporter. Koude en droge lucht kunnen bijvoorbeeld de adem van een schaatser letterlijk benemen. Herkenning en preventie van het effect van kou kan daarom uiteindelijk het verschil zijn tussen winnen of verliezen.

preventie
Koudeletsel kan worden ondervangen door je goed voor te bereiden op de situatie. Door risicofactoren te herkennen en maatregelen te nemen, is veel leed te voorkomen. Het volgende stappenplan helpt hierbij:
1. Oriënteer je op de situatie. Lucht- en watertemperatuur, hoogte, windkracht en regen beïnvloeden de mate van afkoeling. Vooral de gevoelstem- peratuur is relevant. Voor watersporters is ook de stroming en golfslag van belang voor het inschatten van de inspanning. De zon kan de sporter gevoeliger maken voor afkoeling door zweten en verbranding van de huid.
2. Identificeer de factoren die het risico vergroten of verkleinen. Wat is de invloed van de bestaande regels op de trainingen en wedstrijden? Kan of mag er geschuild worden? Kunnen de sporters zich van water en voedsel voorzien? Heeft het moment van de dag invloed? En zo ja, kan het aangepast worden? Kleding heeft een grote invloed op het warmteverlies. Vragen in dit verband: Wat voor kleding wordt er gebruikt? Wat is er beschikbaar? Kan het (spel)materiaal nadelige invloed hebben? Ten slotte de sporter zelf. Zijn er sporters met een verhoogd risico op koudeletsel? Past de zwaarte van de activiteit bij de
ervaring en de actuele lichamelijke gesteldheid van de atleet? Wat is de voedingstoestand en het vetpercentage?
3. Maak een preventieplan op basis van je bevindingen en verbeter de situatie. Door een preventieplan te maken, heb je een structurele basis waarmee je koudeletsel kan voorkomen. Een preventieplan omvat minimaal de volgende aspecten:
• win informatie in over het weer of, bij wedstrijden in het buitenland, over het lokale klimaat, en bepaal de intensiteit van de blootstelling aan kou;
• integreer kou in het trainingsprogramma. Je traint zo geen tolerantie tegen kou, maar je bouwt wel ervaring op hoe met kou om te gaan. Maak ruimte voor vaste herstelmomenten om op temperatuur kunnen komen;
• kleding tegen kou omvat minimaal drie lagen. De eerste twee lagen bestaan uit lichtgewicht polyester of polypropyleen en fleece of wollen kleding die isoleert. De derde laag houdt het weer buiten, kan vocht afvoeren en wordt alleen gebruikt tijdens een rustpauze of bij wind en regen. Vervang kleding bij langdurige inspanningen op gezette tijden om verzadiging met zweet en/of vocht te voorkomen;
• sporters verbruiken meer energie in een koude omgeving. Een tekort aan koolhydraten is zowel voor de warmtevoorziening als voor de training funest. Naast een normale koolhydraatrijke voeding, kunnen extra dranken en tussendoortjes een tekort voorkomen.
4. Maak het plan bruikbaar in de praktijk. Spreek van tevoren af wat te doen bij (on)verwachte weers- verandering. Laat sporters en begeleiders medeverantwoor- delijkheid dragen voor de uitvoering van hun deel van het plan, en omschrijf ieders taak hierin. Zorg dat de preventieve maatregelen onderdeel uitmaken van de vaste routine van de sporter en zijn of haar begeleiding.

conclusie
Kou en sport kunnen goed samengaan, mits de sporter hierop is voorbereid. De coach kan een cruciale bijdrage leveren door het maken van een preventieplan en door te weten wat te doen bij blessures.

Bron: Sportzorg.nl

Beantwoord

Het is toegestaan de volgende HTML tags en attributes te gebruiken: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>